De fijv pianoconcerten van Camille Saint-Saëns omspannen bijna veertig jaar, meer dan de helft van het uiterst productieve leven van de veelzijdige Franse meester, die zich naast componeren ook bvezig hield met dichtkunst, schrijven, biologie en astronomie. ´s Zondags liep Paris uit om te gaanluisteren naar zijn orgelimprovisaties in de Madeleine. Zijn pianoconcerten zag Saint-Saëns als het terreinbij uitstek om te experimenteren. Hij waas daarmee decennia lang een pleitbezorger van een nieuwe stroming in de muziek. Door zich oplatere leeftijdaf te zetten tegen de "anarchie" van Debussy en Stravinsky, werd hij in de twintigste eeuw het symbool van de muzikale reactionar. Achteraf gezien blijkt dit etiket maar weinig betekenis te hebben en zegt al helemaal niets over de hoge kwaliteit van Saint-Saëns pianoconcerten.
Zijn eerste pianoconcert componeerde Saint-Saëns op 23-jarige leeftijd. Het is het concert dat begint met de hoorns, geïnspireerd op de bossen van Fontainebleau. Dit sprankelende jeugdwerk was een van de eerste Franse pianoconcerten. Ravel heeft meermalen verklaard op de schoulders te staan van Saint-Saëns en voor zijn pianoconcerten schatplichtig te zijn aan de oude meester. Tegenwoordig worden in de concertzaal voornamlijk het tweede en vierde pianoconcert uitgevoerd. Dat is jammer, omdat er ook in de andere concerten veel te beluisteren valt en te genieten.
In 2001 verraste Stephen Hough de muziekwerelddoor het uitbrengen van een reeks briljante opnamens van de vijf pianoconcerten, waarbij de uitstekende samenwerking met het City of Birmingham Symphony Orchestra, onder leitding van de nieuwe chefdirigent Sakari oramo, het vermelden waard is. Zij leken voor de uitvoering van pianoconcerten van Saint-Saëns een nieuwe standaard, die voorlopig niet zou worden overtroffen.
Tot mijn grote verrassing kwam de Oekraïnse pianiste Anna Malikova eind 2004 naar buiten met twee sacd´s, waarop alle vijf pianoconcerten van Saint-Saëns. Deze opnamen kunnen zonder meer wedijveren met die van Hough. Malikova is een meer dan uitstekende pianiste. Zij heft een fabelachtige techniek en weet met een onvergelijkbare, begenadigde interpretatie von A tot Z te boeien.
In het openingsdeel van het tweede pianoconcert, in de akkoordreks van het Andante sostenuto vlak voordat orkest invalt, is goed te horen dat Malikova uit de Russische pianoschool komt. Waar bij Hough het lyrische voorop staat, benadruktMalikova hier en ook elders vaak juist de dissonante tonen in de akkorden. Het geeft een net iets andere klank, die een verrassende en verfrissende kijk geeft op de betreffende passages. Dit "Russische" perspectief op de zeer Franse muziek van Saint-Saëns werkt als een spiegel en heeft als effect eenhernieuwde kennismaking met de pianoconcerten. Het is een voorrecht om Malikova te horen spelen op deze multichannel sacd´s van zeer hoge kwaliteit. Mijns inziens horen haar opnamen in de verzameling thuis van iedere recht geaarde liefhebber van Saint-Saëns. |